Trouw & Tijdgeest logo

‘Ik wil het taboe doorbreken’

Actrice Willy van der Griendt (74) schreef een hilarisch boek over daten op oudere leeftijd: ‘Ik wil het taboe doorbreken’


Willy van der Griendt (74) wil graag een partner. Een aantrekkelijke, intellectuele man van haar leeftijd. Maar die zoektocht valt niet mee, blijkt uit haar hilarische boek Daten voor gevorderden.


Dit artikel is geschreven door Iris Pronk
Gepubliceerd op 23 mei 2024, 11:48


Een nieuwe liefde zoeken op internet? Dat vond Willy van der Griendt ver beneden haar stand. Daten is voor losers, dacht ze, en zeker niet voor háár: een flamboyante actrice, een VBN’er (Vaag Bekende Nederlander) en voorheen vrouwelijke donjuan. Op haar 74ste is ze nog steeds ‘de leukste, de gevatste en mooiste meid (voor haar leeftijd) van Amsterdam Nieuw-West’. Al zegt ze het zelf.

Maar nadat haar grote liefde ‘Jacob’ haar op meedogenloze wijze had gedumpt, zette ze haar schaamte opzij en begon ze toch te daten. Ze maakte een profiel aan op een serieuze relatiebemiddelingssite voor hoogopgeleiden en werd overladen met belangstelling. Inmiddels is ze zes jaar en afspraakjes met zo’n honderd mannen verder, maar helaas heeft ze hem nog altijd niet gevonden: de intellectuele, maatschappelijk betrokken geestverwant die er ook nog appetijtelijk uitziet. Liefst ‘een oude communist’ met wie ze haar zorgen over de aftakelende wereld kan delen.

Wel heeft ze inmiddels een boek geschreven, haar hilarische debuut Daten voor gevorderden. Daarover vertelt Van der Griendt in haar ruime, lichte flat vol kunst uit verre landen. In de gang hangen minstens tien fleurige hoedjes, er staan hooggehakte laarsjes met tijgerprint onder de kapstok, de woonkamer biedt zicht op een groot bed met kleurrijke kussens. Hier woont geen grijze muis. Ze wil tijdens het interview geen ‘u’ maar ‘je’ genoemd worden.


De mannen – ‘halfopgeleide halvezolen’ – komen er niet best vanaf in je boek. Ik mag hopen dat je ze verzonnen hebt?
“Oh nee, het hele boek is non-fictie. Het is maar een fractie van wat ik heb meegemaakt. Alleen hun namen heb ik verzonnen, en hun e-mails kon ik ook niet zomaar overnemen, die heb ik aangepast. Locaties heb ik ook veranderd, ik heb ze zoveel mogelijk geanonimiseerd. Maar het is allemaal wel van vlees en bloed, zal ik maar zeggen.”

In haar boek trekt een bonte stoet van zeventigplussers voorbij, allemaal mannen met een ‘randje’ of ‘verborgen rugzak’. Ene Jaap ‘vertelt honderduit over zijn superinteressante leven’ – dat doen trouwens alle mannen die ze ontmoet. Maar Jaap begint ook al snel over zijn erectiestoornis en alternatieve manieren om ‘erotisch bezig’ te zijn.

Ook het afspraakje met Pim verloopt desastreus. Dat vindt hij zelf ook, daarom vraagt hij aan het eind: ‘Mag mijn ex jou een keer bellen en een lans voor me breken?’ Andere mannen liegen over hun leeftijd (oude profielfoto), ze komen niet opdagen, of blijken parallel te daten (met verschillende vrouwen tegelijk). Een man is wel érg gecompliceerd (nickname Labyrinth), de ander vol van zichzelf (nickname Karel de Grote).

Eén – overigens verder aardige, tien jaar oudere – man heeft kennelijk zo’n huidhonger, dat hij na een gezellige middag ineens halfnaakt bovenop haar duikt. Stof voor een thriller, bedenkt Van der Griendt: ‘De aanranding in Seniorenflat Oost’. Een chirurg, tien jaar jonger dan zij, blijkt een gewetenloze narcist, echt een engerd: “Hij was in het echt nóg erger”, vertelt ze. “Hem heb ik afgezwakt.”

Daten voor gevorderden is een boek om bij te schateren. Wat het extra aantrekkelijk maakt, is dat Van der Griendt de ‘halvezolen’ met mededogen beschrijft en zichzelf niet spaart. Daten is ‘een oefening in medemenselijkheid’, maar ook ‘een spiegel’, al die ontmoetingen dwingen haar tot zelfreflectie. Tijdens het daten gaat ze in therapie, en ook daarover schrijft ze eerlijk.


Je zag internetdaten helemaal niet zitten, waarom ben je het toch gaan doen?
“Voor jonge mensen is het anders, die hebben geen vooroordeel over online daten. Maar ik voelde weerzin om me te verlagen door op zo’n site te gaan zitten. Kijk, als je ouder bent en je bent er nóg niet in geslaagd om een leuke vent tegen te komen, met dat swingende leven dat ik heb, dan heb je iets niet goed gedaan. Zo dacht ik er toch wel over. Maar dat was mijn hart. En mijn hoofd dacht: ‘Nou ja, dat is een beetje stom. Je moet het gewoon een kansje geven. Weet je wat, ik ga dat gebied een beetje exploreren.’ Dat past ook wel bij mijn avontuurlijke karakter, iets nieuws proberen. Ik was ook uitgekeken op de mannen die ik kende, veel kunstenaars. Die vind ik vaak te zelfingenomen. Wel interessante mensen, ik kan het goed met ze vinden, het zijn eigenlijk mijn gelijkgestemden. Maar van het idee van een partnership met zo’n man heb ik afscheid genomen.”

Hoe zag je liefdesleven er tot nog toe uit?
“Toen ik jong was, in de jaren zeventig, was ik altijd bezig met flirten. Achter mekaar vriendjes. Daar was ik niet altijd gelukkig mee, maar ik was dol op die aandacht, het was een soort roes. Het was in die tijd trouwens ook niet makkelijk om mannen te weigeren. Daarna heb ik wat langere relaties gehad, waaraan ik goede herinneringen heb, maar die desondanks niet zijn beklijfd. Ik reisde veel, wilde graag ontwikkelingswerk doen in verre landen, dat schiep afstand. Daardoor ben ik ‘vergeten’ kinderen te krijgen, ook zoiets. Eind jaren negentig ontmoette ik mijn Afrikaanse man Al¬pha, met wie ik tien jaar gelukkig getrouwd ben geweest. Ja dat was een mooie tijd…”

Maar in 2010 zijn jullie gescheiden.
“Dat klopt. Niet op mijn verzoek, al kwam het me ook niet slecht uit, want ik was toch wel wat vermoeid geraakt. Alpha was een vluchteling, ik heb hem geholpen met zijn verblijfsstatus, dat was een heel intensief proces. In 2010 was hij genaturaliseerd, had hij een opleiding afgerond en een baan gevonden. Daar was ik heel trots op. Toen heeft hij de knoop doorgehakt om te gaan scheiden. Dat heb ik sportief opgevat. Hij is twintig jaar jonger, ik was te oud voor kinderen en een Afrikaan zonder gezin is niks, ik gunde het hem wel. Maar daarna ben ik in een vacuüm terechtgekomen. Met de man die ik in mijn boek de ware Jacob noem, ben ik in een enorm intensieve toestand geraakt, die mij slecht is bekomen. Nadat hij het uitmaakte, na vier jaar, ben ik in het slop geraakt. En toen ben ik toch maar dapper gaan daten.”

Waarom besloot je te schrijven over je datingavonturen?
“Het idee ontstond op een verjaarsavond van een vriendin. Ik vind het altijd leuk om een beetje te amuseren en vertelde over het daten. Het zijn ook wel vermakelijke anekdotes. Toen zeiden ze: ‘Oh Wil, dit moet je opschrijven.’ Dat ben ik toen gaan doen. Maar na een tijdje merkte ik dat die afspraakjes een enorme wissel trokken op mijn emoties. Het is best een eenzame toestand, als je in stilte datet. En dat doen veel mensen, zeker van mijn leeftijd, er is veel schaamte. Toen dacht ik: Er moeten duizenden daters zijn die zich ook zo voelen. Er zal wel veel in stilte geleden worden. Dus het zou mooi zijn als deze mensen zich in mijn ervaringen kunnen herkennen. Ik wilde het taboe doorbreken en een troostrijk boek schrijven.”

Je noemt daten een emotionele uitputtingsslag en een ‘one way ticket to hell’. Wat is er zo zwaar aan?
“Een heel naar aspect is dat je zomaar aan de kant geschoven wordt. Dan heb je een keer afgesproken en daarna hoor je niets meer, en je hebt geen idee waarom. Dat heeft een naam: ghosting. Wist ik veel, maar het is echt inherent aan internetdaten. Met één man ben ik een paar dagen naar Düsseldorf geweest. Museum in, museum uit. Ik vond hem leuk, ik had goede gesprekken met hem, hij had veel gelezen en zo. Hij was ook wel afstandelijk, maar ik dacht: ‘Dat varkentje was ik nog wel. Ik heb nu iemand te pakken met wie ik verder kom.’ Toen kreeg hij een berichtje dat een vriend overleden was, plotseling, en zijn we in noodtempo teruggereden. Daarna heb ik niets meer van hem gehoord. Dat is toch onbeschoft?

Als een man in een keurige e-mail wél uitlegt waarom hij je niet meer wil zien, is dat trouwens ook niet fijn. Je moet uithoudingsvermogen hebben op het gebied van afwijzing. Zelf mannen afwijzen – dat gebeurde vaker dan dat ik afgewezen wérd – vind ik ook helemaal niet leuk om te doen.”

Daten begint bij jou met het lezen van profielen en het schrijven van lange e-mails.
“Ja. Ik ben heel erg dol op goede schrijvers. Iemand kan het bij mij verknallen door ‘jou’ te schrijven, als het een bezittelijk voornaamwoord is. Dus ik selecteer de profielen op schrijfstijl en denk: oké, deze persoon klinkt interessant, hij leest leuke boeken, zijn muzieksmaak is oké. Als er dan mooie e-mails volgen, raak ik enthousiast. Maar tijdens een ontmoeting blijkt zo’n man totaal niet overeen te komen met wat hij heeft geschreven. Hij heeft zich gewoon gespecialiseerd in het goed verkopen van zichzelf.”

Wat heb je geleerd over de datende heteroman op leeftijd? Je hebt er zo’n honderd ontmoet, dat is bijna een sociologische studie.
“Wat mij opvalt bij mannen boven de zeventig: ze doen hun best, maar ze hebben die hele feministisch golf niet goed meegekregen. Ze zijn ondergedompeld in verwarring: ze weten dat ze mee moeten doen en de vrouw ook de ruimte moeten geven. Maar tegelijkertijd moeten ze hun self esteem, hun zelfvertrouwen, zien te behouden. Dat vinden ze ingewikkeld, sommige mannen gaan daarom een beetje gemeen doen. Die zijn bijvoorbeeld verkeerd uit een scheiding gekomen, hun vrouw is ze boven het hoofd gegroeid, en nu proberen ze terrein terug te pakken. Ik ben een bijdehante figuur, dat kunnen ze soms niet hebben.”

En welke zelfinzichten heeft therapie je opgeleverd?
“Ik kan het iedereen aanraden om in therapie te gaan. Je gaat dan onderzoeken: wat wil ik nou eigenlijk in een relatie, wat heb ik zelf te bieden, ben ik wel volwassen. Volwassenheid betekent, denk ik, dat je in staat bent om naar jezelf te kijken. En zo menselijk te worden dat je de ander toestaat om gebreken en beperkingen te hebben. Ik ben mezelf ook meer gaan liefhebben. Dat vind ik een belangrijke stap: dat ik mijn eigen beperkingen heb aanvaard. Ik ben zachter en harder geworden: ik kijk harder naar mezelf zodat ik milder naar de ander kan kijken. Of ik nu makkelijker compromissen sluit, de lat minder hoog leg, weet ik niet. Dat heb ik nog niet kunnen uitproberen.”

Ga je na de drukte rond je boek verder met daten?
“Ja, ik denk het wel. Al zit ik nu middenin een strijd tussen hoofd en hart: moet ik me toch maar verzoenen met het singleschap? Maar ik ben al zo vaak single geweest in mijn leven, ik heb zin om het nu anders aan te pakken. Ik zou graag een vertrouweling vinden, in deze laatste levensfase, maar bestaat die wel, of is het een verzinsel van mijn hart? Een romantisch ideaal dat niet bestaat? Dat houdt mij bezig. Een partner zou voor mij superfijn zijn, want ik vind het leven alleen best zwaar. Maar misschien zit het er niet in. Ook dat maakt daten zwaar, dat je steeds denkt: is het haalbaar? Realistisch?”

Willy van der Griendt (1950) is actrice en zangeres. In de jaren zeventig maakte ze deel uit van het Vrouwencabaret onder leiding van Natascha Emanuels. Later speelde ze rollen in theater- en filmproducties, waaronder de miniserie Bernhard, schavuit van oranje (2010). In 2007 maakte ze samen met componist Chiel Meijering de cd Single, met twaalf liedjes ‘over dilemma’s in de liefde’.


Link naar het artikel: Actrice Willy van der Griendt (74) schreef een hilarisch boek over daten op oudere leefijd: ‘Ik wil het taboe doorbreken’ | Trouw